Maandelijks archief: oktober 2015

Voor al wie geen zelfvertrouwen heeft.

‘Ik heb geen zelfvertrouwen’, zegt hij, met zijn ogen gericht op de vloer.
‘Hoe weet je dat?’, vraag ik
‘Ik twijfel bij alles’, antwoordt hij.
‘Bij alles’, herhaal ik.
‘Jaja, bij alles. Ik vraag me altijd af of ik het ga kunnen, of ik het goed doe, of ik het niet beter anders zou doen, of ik er eigenlijk wel aan zou beginnen, of ik niet beter eerst aan iemand zou vragen hoe ik dat het best aanpak. Zo’n dingen, weet je wel’, vertelt hij.
De woorden ‘Altijd dus’ zijn amper over mijn lippen als hij antwoordt: ‘Altijd, ja. Ik kan me niet herinneren dat het ooit anders was’.
– stilte –
‘Amai’, roep ik uit. ‘Als ik het goed begrijp ben je zo iemand die ’s morgens als hij wakker wordt, verbaasd is dat hij wakker is geworden want de avond ervoor had je je nog afgevraagd of je dat wel zou kunnen. Ik kan me inbeelden hoe je de hele nacht hebt liggen piekeren over hoe je dat zou doen en…o, je kijkt naar me met grote ogen. Dan toch niet bij alles en altijd ?’
‘Dat is overdreven he. Neen, dan is het niet bij alles en altijd’, antwoordt hij, lichtelijk geïrriteerd door mijn uitdaging.

Zijn ‘alles’ en ‘altijd’ ook niet overdreven?
Wanneer we veralgemenen, verliezen we de uitzonderingen uit het oog. In dit geval alle momenten waarop er wel zelfvertrouwen is.
Het blijken er heel wat te zijn. We leggen een aantal momenten als een puzzel uit: wat is de context, wie is er aanwezig, welke gedachten heb je dan, … enzovoort. We doen hetzelfde met twee momenten dat er geen zelfvertrouwen is. ‘Wat valt je op?’, is mijn eerste vraag.

Het eerste dat hij aangeeft, is dat het goed is te merken dat er momenten zijn dat hij zelfvertrouwen heeft. Vervolgens ziet hij de rode draad, de ingrediënten die hem zelfvertrouwen geven. Het belangrijkste ingrediënt uit zijn lijst, is dat hij dan overtuigd is het onder de knie te hebben. Hoe hij dat weet? Uit ervaring, en omdat hij het bij manier van spreken ‘langs alle hoeken en kanten’ kent, inclusief waar hij nog in kan groeien. Hoe dat ontstaan is? ‘Euh…door te doen?’, luidt zijn antwoord. Juist!, zeg ik en ‘wat doe je nu?’ Dat ‘doen’ uit de weg gaan, antwoordt hij en beseft dat hij dit zo zelf in stand houdt.

Het tweede aha-moment komt er wanneer hij ziet wat er ontbreekt in die situaties waar hij aangeeft geen zelfvertrouwen te hebben, en hoe hij hier zelf invloed op heeft. Hij ontdekt ook een patroon, die situaties waarin zijn ouders hem vragen iets te doen. Gegarandeerd dat de twijfelmolen op gang komt! Een andere mooie eye-opener is het begrijpen en inzien van hoe zijn denken verandert wanneer hij gaat twijfelen aan zichzelf en het effect ervan op wat hij doet en hoe hij zich voelt. Zijn aandacht gaat dan naar alles wat niet voldoet, niet goed is en ontbreekt. Hij richt zich op falen – de angst ervoor en het vermijden ervan – en plots lijkt het alsof er geen ‘zelf weten’ meer is, en gaat hij bij anderen bevestiging zoeken. Nee, nee, fijn vindt hij dat niet.

Nu, iedereen twijfelt wel eens. Ik heb daar nog geen uitzondering op gekend. Eén van mijn vrienden staat behoorlijk sterk in zijn schoenen, hij heeft een gezonde dosis zelfvertrouwen. Toen hem een hoge functie werd aangeboden – zo één waar de titel met de letter C begint en eindigt met de letter O – en deze vol overtuiging en goesting aanvaardde, had hij de eerste tijd ook wat twijfels. Op zich is daar niets mis mee, af en toe aan jezelf twijfelen is normaal. Als je een gezonde dosis zelfvertrouwen hebt, ga je deze situaties eerder als uitdagingen ervaren, en niet als problemen. Wanneer je fundament aan diggelen ligt dan twijfel je niet alleen over bepaalde keuzes of over wat je wel en niet kunt, je twijfelt over je hele zelfbeeld: over wie je bent, wie je wilt zijn en wat je graag wilt doen. De gedachten die je over jezelf hebt zijn vaker negatief dan positief. Je hebt het gevoel op ieder punt te falen. Herken je jezelf bijvoorbeeld ook in het veel verwachten van anderen (en jezelf) maar die verwachtingen niet uitspreken, het graag hebben dat de dingen verlopen zoals je ze gepland hebt, jezelf wegcijferen om anderen te plezieren, conflicten uit de weg gaan… dan zou je wel eens in de greep kunnen zitten van wat men tegenwoordig benoemt als ‘perfectionisme’. Dat kan niet, denk je misschien, want ik doe niets perfect! Als je het gevoel hebt dat het je in je dagelijkse activiteiten en prestaties belemmert, lees dan eens even deze blog en onthoud: ik kan je hierbij helpen.

‘Daarstraks dacht ik :die is ermee aan het lachen of wat’, laat hij weten, ‘maar ik snap nu dat het nodig was om mij te confronteren.’
‘Als coach ben ik er niet om het jou gezellig te maken of comfortabel, wel om je te ondersteunen bij het vinden van antwoorden op je vraag. Wie niet geprikkeld wilt worden, blijft hier beter weg!, antwoord ik met een knipoog.

Tussen jou en mij, een spiegel voorgehouden worden vind ik soms ook niet fijn. Het ‘prikt’ dan inderdaad eerst. Om er dan achter te komen dat het prikt omdat het al een tere of zere plek is. Dan ontstaat de keuze: doe ik er iets mee?
Houd jij eigenlijk van spiegels?

Met hartelijke groeten,

Carine

PS: De volgende twee boeken leggen je uit je hoe je stapsgewijs zelfvertrouwen opbouwt en behoudt:

  • Zelfvertrouwen in zeven stappen. R. Rupp. Kosmos Uitgevers.
  • Zelfvertrouwen. Matthew McKay en Patrick Fanning, Uitgeverij Thema, Zaltbommel.

ZEST prikkelt en ontwikkelt de smaakpapillen voor meer werkgoesting en meer levensgeluk.
Voor meer informatie, surf naar www.uptozest.be.
Heb je een vraag, bemerking of wil je iets kwijt over dit blogbericht, mail naar carine@uptozest.be.